Posts Tagged 'uitspraken geadopteerden'

UITSPRAKEN VAN GEADOPTEERDEN MET EEN GOUDEN RANDJE

Als je werkt in de interlandelijke adoptiewereld sta je op het kruispunt tussen mensen die heel graag kinderen willen, maar er geen kunnen krijgen (bij de meeste kandidaat adoptieouders toch) en de ouders die hun kind heel graag zien maar het niet kunnen/mogen houden (meerderheid van redenen voor afstand). Dat alles overgoten met de saus van geld: de ene heeft er te weinig en de andere genoeg om de dure adoptieprocedures te betalen. Een heftige sector om in te werken.
Op datzelfde kruispunt staan, naast ons, de adoptiekinderen en die motiveren me vaak om toch door de hete aardappel te bijten en te blijven zitten, soms tegen beter weten in.
Deze geadopteerden hebben me in de meer dan 20 jaar dat ik in de adoptiesector werk al zoveel toevertrouwd, dat ik hen daar alleen maar dankbaar kan om zijn.
Vele uitspraken blijven me bij, zitten voorgoed in mijn rugzak.Een aantal daarvan hebben een gouden randje. Ik deel er een paar met jullie.
Hij is een prille tiener als hij op straat hoort van vriendjes ‘dat zijn ouders zijn ouders niet zijn, dat hij een aangenomen kind is’. Een paar jaar later zit hij voor mij. Het gaat er niet goed mee zeggen zijn ouders! Ja, het zal wel denk ik meteen. Ik probeer te polsen wat het met hem doet, gedaan heeft. Dezelfde dag dat hij HET vernomen heeft, diezelfde avond in de badkamer vraagt hij HET aan zijn mama, zij bevestigt. Maar ze zien hem heel graag. Dat was het, geen woord meer hierover. Hij werd de woestijn in gestuurd.
Hij vertelt me dat hij er een paar jaar niet meer durfde aan te denken, aan te raken. Maar dan is hij naar de zolder gegaan op zoek naar sporen van wie die andere moeder dan wel is. Hij vindt het boekje van Kind en Gezin over zijn eerste paar maanden (gewicht, lengte en inentingen). Vooraan is zijn naam geschreven bovenop een laagje typex. Hij krast het eraf en daaronder staat zijn andere naam, zijn eerste naam, zomaar. Daar zit hij dan, heel alleen voor dat boekje. Hij neemt tipex en overschrijft opnieuw zijn naam met zijn adoptienaam.
Ik zit met stijgende verbazing en emotie te luisteren. Ik vraag; ’ maar wat voelde je toen, wat dacht je toen?’

‘Ik dacht, ofwel is dit boekje niet echt ofwel ben ik niet echt’

 

 

Ze zit in de derde kleuterklas als haar ouders mij vragen om haar biologische moeder te contacteren. Ze is al jaren heel verward, verdrietig. Waarom ben ik toch niet bij mijn mama kunnen blijven? Wie is ze? Gelijk ik erop? Enz. Nog zo klein en al zoveel wezenlijk belangrijke vragen, zonder antwoord.
Haar biologische mama vinden was niet moeilijk, maar hoe pak je dat met die kleine meid aan. Ik zet me bij haar thuis aan de keukentafel met een kleurrijk boekje. Ik zeg haar dat ik aan de ene kant haar vragen aan haar mama ga opschrijven en aan de andere kant wat zij wil vertellen aan haar mama.
Ze begint meteen te vragen en te vertellen. Alsof ze dit al lang had voorbereid. Ik lees het achteraf nog eens voor, want ik wil het juist hebben. Ja, zegt ze dat is het. Ze geeft me nog een omslag met daarin tekeningen en 2 foto’s. Goed over nagedacht, met prachtige tekeningen op de omslag ook.Ik zeg tot slot: ’ spannend he, je gaat misschien je mama leren kennen?’Zij kijkt me met haar prachtige donkere ogen aan en zegt :

‘Maar Pia, ik ken mijn mama toch, ik heb haar alleen nog nooit gezien’

 

 

Tot slot geen uitspraak maar een heuse brief. Ik mag de auteur ervan aanspreken met mijn voorzitter en daar ben ik blij om. Hij heeft meer dan 1 reden om tegen adoptie te zijn, maar is het niet. Hij verbaast me vaak met zijn to the point visie op adoptie. Maar waar hij me helemaal mee omver heeft geblazen is met de brief die hij schreef n.a.v zijn zoveelste reis naar zijn geboorteland en het zoveelste dode spoor naar mijn moeder.
Hij heeft hem al voorgelezen op de radio, dus mag het hier ook hoop ik:

 

 

Lieve verre onbekende mama,
ik ben ondertussen een volwassen man van 40 die zijn weg zoekt aan de andere kant van deze wereld, maar ooit was ik het kind dat jij gedragen hebt en ter wereld bracht. Dat kan ik met zekerheid zeggen. Dat is ook het enige dat ik met zekerheid kan zeggen. AL de rest kan ik me enkel dromen of verbeelden. Dat je zacht en mooi bent en net zo’n ‘zoeker’ als mij. Ik verbeeld me ook dat je me de eerste jaren van m’n leven heel dikwijls in je armen hebt gehouden, dat je me de borst gaf of dat je huilde omdat je te arm was om me te voeden. Misschien mocht je me niet houden. Misschien kon je niet. Wie zal het me zeggen? Alles wat zou kunnen spreken, mijn geheugen of het summiere dossiertje uit het wezenhuis waar ik te vondeling ben gelegd, zwijgen hardnekkig als een grafsteen. Het is voor mij als kijken naar de zon met mijn ogen dicht. Je voelt de warme rode gloed, je voelt de aanwezigheid van de zon, maar ze blijft onzichtbaar.

De vraag of ik je iets kwalijk neem, vind ik zelfs de vraag niet waard. Ik kan niet geloven dat moeders hun kind vrijwillig afstaan. Er is altijd iets of iemand dat hen daartoe dwingt. Afstaan vind ik dan ook zo’n ongepast woord. Een moeder staat niet af, ze ‘verliest’ haar kind en een kind ‘verliest’ zijn moeder. Wij hebben elkaar ergens verloren, en waarom?
Ik heb één diepe wens die me nooit los zal laten. Wanneer zal ik nog eens in je armen kunnen liggen om me dan tegen je borst aan te drukken? Moederlijke warmte voelen zoals toen, héél lang geleden. Dat, mama, zal ik blijven missen, zo lang ik zoek … naar jou.

De adoptiecoach

Advertenties

RSS Artikels op Geadopteerd.be

  • Er is een fout opgetreden. De feed is waarschijnlijk uit de lucht. Probeer later opnieuw.

Schrijf je in en ontvang nieuwe berichten van deze blog via e-mail.

Doe mee met 76 andere volgers

Blog Stats

  • 108.911 hits
Advertenties