Posts Tagged 'rouw adoptie'

Mijn moeder is dood, leve mijn moeder!

“Waarom wilde je per sé nu  en dan zo overdonderend snel je moeder vinden man?”
“Omdat mijn moeder gestorven is!”

In elke ander blog zouden de lezers hun wenkbrauwen fronsen, nu misschien niet. Ja, het leek een beetje op Eerste Hulp Bij Adoptie Ongevallen. Hij was korte tijd na het overlijden van zijn adoptiemama, met naam en adres ( in onze informatiemaatschappij is dat vaak verbijsterend simpel) in de hand, aan de deur gaan bellen van zijn biologische moeder.
Het antwoord op het waarom, lees je hierboven.
Als adoptiecoach, opgeleid in de sociale werken en ander , zou ik moeten zeggen dat dit niet mag en kan. Maar als ik als mens, vrouw, moeder van en kind van, reageer zou ik zeggen: ja, ik zou waarschijnlijk in staat zijn  net hetzelfde te doen. Pas nadien weet je: dit is wel erg onbezonnen, dat weet hij ook. Vandaar de verschillende telefoontjes naar de coach, die natuurlijk alleen nog maar aan damagecontrol kan doen. Beter dat dan niets misschien.

In diezelfde week (vorige week dus) nog een telefoontje:
“Ken je me nog Pia, ik ben .. uit …?”
“Natuurlijk ken ik je nog, jij bent ons ‘oudste’ adoptiekind (lach)’
“Hoe is het?”
“Wel ik wilde je laten weten dat mijn moeder dood is, ik stuur je een overlijdensbericht. Ze is 93 geworden”

Even, lang geleden eigenlijk, terug in de tijd. Ze had ergens een artikel gelezen waar mijn naam in vermeld stond, en dat ik in adoptie werkte en ook wel zoektochten begeleidde. Ze was inderdaad het oudste adoptiekind dat ooit mijn hulp inriep.
Geboren in de naweeën van een oorlog, uit een relatie van twee mensen die een ‘kleur’ hadden die niet compatibel was. Men dacht toen heel erg in kleuren en niet compatibele of foute kleuren werden genadeloos afgestraft. Zij was daar dus de dupe van, ook haar natuurlijke ouders natuurlijk, maar het kind van de (af) rekening , dat was ze.
Temeer dat ze in een adoptiegezin terecht is gekomen dat ook niet begreep wat het betekende om niet op te groeien bij je biologische ouders , om maar 1 iets te vermelden zeg maar.
Na het overlijden van haar adoptiemoeder, was ze in geen tijd ‘onterft’ door haar adoptievader.
Met dat allemaal in de rugzak, zat ze lang geleden voor mij.

Mijn moeder is dood, leve mijn moeder! Ook toen.

En nu is ook die moeder dood.
“ Hoe voel je je ?”
“Raar hoor Pia, ik loop rond als een kieken zonder kop, begrijp je dat?”
“Ja, het was ook na de hereniging niet evident he?”
“Neen, neen meiske neen.. (stilte)”

Het begon als een mooie ontmoeting tussen moeder en dochter, na 50 jaar . Ze hadden me gevraagd  om erbij te zijn. Ik was overdonderd door de gelijkenissen, 2 druppels water met een 20 tal jaren tussen.
Aanvankelijk was ze inderdaad welkom in het nieuwe gezin van moeder. Ze probeerde in te halen wat ze nooit had gehad. Maar ja, we weten wel beter: dat kan niet. Ik heb het ook nooit geweten dat de geadopteerde alles terugvindt in die andere moeder, de hereniging, alles waar ze van droomden.. naar verlangden. Daarvoor is adoptie te ingrijpend, te complex.

Ze zegt me zonder veel omhaal:
“dat was de vrouw naar wie het meest heb verlangd in mijn leven, die ik het liefst heb gezien – voor ik ze ontmoette. Het is de vrouw die ik ook het meest heb gehaat”(stil)

“ja, ik denk dat ze je had afgestaan en er niet meer had op gerekend dat je nog zou opduiken in haar leven en daar zelf nooit op had aangestuurd? “

“Dat is het, ze had er zelf geen behoefte aan om mijn terug te ‘nemen’ in haar leven. Ik was en bleef een vreemde eend in de bijt !’

Ze vertelt dat er veel merkwaardige zaken zijn gebeurd. Toen de man van haar moeder overleed zijn 2 soorten rouwbrieven gedrukt: eentje met haar erop (beperkte oplage) als laatste van de rij kinderen en eentje zonder haar.Nu is er maar 1 versie, zij staat bovenaan…

“Doet dat dan geen deugd?”

“ Niet echt, ik denk dat ze zich verplicht voelen, ze hebben me ook niet betrokken bij de voorbereidingen.. ik blijf het koekoeksjong he”

Ik heb gelukkig wel nog mooie en warme herinneringen aan hun eerste ontmoeting, ik was erbij en voelde ook wel meer dan alleen maar ambetante gevoelens bij de moeder.
“Tijd om samen koffie te drinken, wat denk je?”

“Ik kom af “zegt ze zonder aarzeling.

Dat is dus een ontmoeting waar de adoptiecoach naar uitkijkt.

Als ik je vraag: wie is je moeder, wat is dan je antwoord?

Het was al ruim half tien . Ik had om 9u afgesproken met W. maar ze was er (nog ) niet. Ik bel haar op.” Oei oei, ik ben zo lang aan het werk gebleven vannacht dat ik nog in mijn bed ligt. Ja, 9u dat is vanmorgen zeker?”
Ik lach hartelijk” ja iets anders kan ik niet bedenken hoor. Maar weet je laten we de afspraak verplaatsen. “
“Neen, zeker niet “zegt ze, “ik wil met je praten. Kan het straks via Skype? “
“Ja, goed idee. “
We spreken een half uur later af. Webcam en microfoon in aanslag.

(noot: dit is NIET W., maar een anoniem persoon, gewoon een leuk fotootje dat ik gebruik op mijn skypeaccount piatriobla.
De persoon met dat belachelijk gezicht, dat ben ik dus – helaas- wel )

Het gesprek verloopt open en eerlijk. Ze is een fantastische madam, zo eentje waar je blij om bent dat je haar kent en vooral dat ze je toevertrouwt hoe ze zich voelt.

 

Ik vraag haar naar het gewicht in haar rugzak: is die nog loodzwaar? Ben je erin geslaagd het een en ander uit te halen nav ons vorige coachinggesprek?
“Ik wou dat ik mijn rugzak bij iemand kon afzetten” en er verschijnen grote tranen in haar prachtige grote donkere ogen.
Ik gooi mijn armen in de lucht en zeg “Dat is iets voor Lourdes , voor de mirakels hoor. Ik kan dat niet”
Ze lacht tussen haar tranen door.
“Ja, natuurlijk niet, dat weet ik eigenlijk zelf wel, maar ik wou dat IK eens van iemand advies kreeg hoe ik me beter zou kunnen voelen. Ik heb de indruk dat ik altijd de mensen help, adviseer, maar wie helpt mij, wie geeft mij eens raad?’

“Mag ik proberen W.?”
Ze legt haar kin op haar mooie slanke handen en zegt:
“Ja”
Oei, ik krijg meteen koudwatervrees, maar spring toch in het water.
Na een tijdje vraag ik haar:
“Vertel me eens waarom jij denkt dat je je nog steeds zo geblokkeerd voelt?’
W. denkt na.
“Mijn moeder” zegt ze,” ik wil dat mijn moeder….. ” en begint ze een lange verlanglijst op te sommen. Ze legt de lat hoog, zeer hoog (maar dat is nu iets wat ik heel vaak meemaak met geadopteerden, ze leggen de lat zo hoog, ze willen voor iedereen zo goed doen, helaas is dit geen haalbare kaart, ook niet voor niet-geadopteerden trouwens).

Het duurt een tijdje voor ik doorheb dat ze het over haar biologische moeder heeft, terwijl ik dacht dat ze het over haar adoptiemoeder had.
“Stop” zeg ik “dit is verwarrend.”
“Als ik je nu vraag, op de vrouw af, wie is je moeder? Wat is dan je antwoord?’

Weer verschijnen er grote tranen, ze zucht.

“ik weet het niet… ik zou het niet weten Pia”

Kijk als iemand mij die vraag stelt, dan moet ik geen seconde nadenken. Ik kan beginnen vertellen wie ze is , wat we samen hebben ‘doorgemaakt’ en heb zelfs een foto van mijn ouders in de gsm. Als ik die – ter ondersteuning van mijn verhaal – toon, zeggen de mensen mooie zaken over mijn hoogbejaarde ouders en ben ik ook wel trots.
W. heeft er twee, moeders dus, en een antwoord op de vraag’ wie is je moeder? ‘  is eigenlijk binnenkomen in de verwarring, het verdriet, het anders zijn van geadopteerden. Dat is hier ook weer duidelijk.

We zitten een poosje te denken.Dan vraagt ze:
“Moet je eens mijn altaar zien?”
“Ja graag”

Ze loopt met haar webcam naar een hoekje van haar kamer en stelt op scherp.
Ik krijg de krop in de keel, zij vertelt.
De mama’s, de papa, de broers ( zowel aan deze als aan de andere kant van de wereld) – er is een onderscheid gemaakt tussen de levenden en diegene die dood zijn. De mensen die voor haar belangrijk zijn, de twee landen, culturen in haar leven, in haar ziel zijn zo mooi uitgewerkt. Een prachtige madonna met kind -beeldje heeft ze bruin geschilderd en Madonna getooid in een exotisch kleed. Voor het Boeddhabeeld staat suiker geofferd…

Ik ben helemaal stil gevallen. Ik mag dat van haar zien.Ik krijg er nog net uit:
“’Mooi W. , heel mooi”

Ze loopt terug naar de computer, monteert de webcam en kijkt vertederd naast haar, richting HAAR altaar. Het lijkt wel een kersverse mama die naar haar baby buiten beeld kijkt, zoveel warmte en tederheid straalt ze uit.
“Ja, ik ben er wel blij mee” zegt ze “ ik kan daar troost vinden, zaken offeren, dit is van mij”

Voor het eerst in het gesprek kijkt ze me glimlachend aan.Ik weet zeker het komt goed met haar.

Er is nog veel werk aan de winkel, maar W. , I am a believer wat haar betreft!

En…

Bedankt he meid , tot volgende week!

De adoptiecoach

EEN MOOI ADOPTIE-KERSTVERHAAL

Het is tijd dat de adoptiecoach even een stapje achteruit  zet en zich volledig onderdompelt in vrije tijd, familietijd en een uitstapje naar haar geliefkoosde stad Parijs! Maar net voor ik de 2011 adoptiecoach-boeken toedoe, kwam dit mooie kerstverhaal binnen via een adoptiemama, die mij nauw aan het hart ligt. Ik heb haar gevraagd of ik dit voor jullie op mijn blog mocht publiceren. Voor alle duidelijkheid : het adoptiegezin bestaat uit mama en papa en 4 kinderen , waaronder 3 uit hetzelfde Afrikaans land zijn geadopteerd op oudere leeftijd.

 

 

Een kerstavond in het land van onze kinderen !
Nu de voorbereidingen hier op volle toeren draaien (ik ben helaas een mens van ‘de laatste knip’) heb ik nog even tijd om je op de hoogte te brengen van onze ervaringen, net voor het afreizen naar het land van 3 van onze vier kinderen….
Het is hier al een bewogen tijd geweest en we schommelen hier tussen verlangen, vrees, wanhoop, positieve spanning .
De stress is niet te vergelijken met deze die we hadden toen we onze kids voor het eerst in onze armen mochten gaan sluiten; dit is veel helser, intenser… een afreis om adoptiemama en papa te gaan worden lijkt ons nu peanuts in vergelijking met onze onderneming.
Ik begin dit keer van onder naar boven, met de kleinste man dus :

D. kijkt vol spanning uit naar het warme land van de kapotte auto’s die veel toeteren. Van de vele bruine mensen, en de kindjes die geen Nederlands zullen spreken. Hij wil ook wel op het vliegtuig, om schuin omhoog te gaan, en niet zoals een raket recht omhoog… Hij vertelt aan zijn vriendje op school dat hij naar Afrika gaat en als hij terugkeert zal hij bruin zijn… We hebben het er dan toch niet helemaal uitgekregen, die idee fix van hem. We denken dat hij schrikken zal, van de geuren en geluiden, de drukte van de grootstad en de vele mensen die voor het eerst een blank kind zullen zien. We zullen hem dicht bij ons houden om hem het land van broer en zussen te leren kennen.

F. weet het eigenlijk niet zo goed, ze wou zo graag ook haar mama zien, om haar eindelijk te kunnen zeggen hoeveel ze van haar houdt en hoeveel ze haar mist… We kunnen haar helaas niet helpen. Mama is reeds heel lang uit haar leven verdwenen. Maar we speuren verder, naar een papa eventueel. Volgens A., die een onfeilbaar geheugen heeft, is de papa F. nog komen bezoeken in het weeshuis. Maar papa moest terug weg, mocht F. niet zien. A. weet niet waarom, maar hij weet wel dat het F.’s papa was want ze hebben dezelfde oren…
Het wordt voor haar een confronterende reis, zeker weten… We zullen haar dicht bij ons houden om haar de geborgenheid te geven om haar verdriet te kunnen delen.

A. is een bijzonder verhaal, van een bijzondere jongen, met een heel bijzonder hoofdje. Hij zal emotioneel zijn, zegt hij, als hij zijn mama zal zien. Het idee dat zij hem niet meer heeft gezien van toen hij klein was tot de knaap die hij nu is geworden maakt dat hij denkt dat zij daar verdriet om zal hebben. Dat ze zovéél heeft gemist uit zijn leven. Emotioneel worden is voor A iets ongekends. In de 6 jaar dat we hem nu kennen, hebben we hem niet 1 keer overstuur, boos of verdrietig gezien. Deze ontmoeting zal nieuwe, ongekende gevoelens in hem wakker maken, gevoelens die hij nu wel kan voorspellen, maar nog nooit heeft ervaren.
Mama werd reeds ingelicht over onze komst, en vooral over de komst van haar zoon A.. Hem heb ik uitgelegd dat mama mogelijks niet zal reageren zoals hij in zijn dromen voorstelt, dat ze misschien wel niét zal reageren, of boos zijn, of bang, … Hij snapt het zegt hij en is blij dat hij het weet op voorhand, dan zal hij ook geen te hoge verwachtingen hebben zegt hij. Het is zo’n schat van een kerel die zoon van ons, hopelijk helpt zijn mathematische ingesteldheid hem ook hier om de realiteit wat gedoseerd te kunnen toelaten in zijn leven. We zullen hem dicht bij ons houden, om hem een cocon te bieden waar hij zijn eerste tranen kan doen vloeien, en waar hij ons zijn vragen over het leven kan stellen.

D. heeft het de laatste weken bijzonder moeilijk. Ze glijdt terug langzaam weg van onze aardbol lijkt het wel. Ze geeft het ook zo aan… Moeilijke jaren en een moeilijk verleden met een moeilijk heden en moeilijke toekomst, maar ze komt er wel!. De spanning en de stress voor het afreizen, in combinatie met de examens maakt dat ze er weer een moeilijke periode heeft opzitten. Maar ze wil terug, om papa te omhelzen, om hem te ruiken en te voelen om om om… We hopen dat deze reis voor haar helend zal zijn, dat ze rust kan vinden en er nog een paar jaar tegenaan kan gaan vooraleer ze zelfstandig genoeg is om haar vleugels uit te slaan zonder al te veel risico’s te lopen. Ze wil later voor een Ngo gaan werken, in Afrika, maar niet in haar geboorteland, want daar gaat ze naar toe op vakantie en op familiebezoek… Ik hoop dat ze haar droom kan waarmaken en ik zal reuzetrots zijn op haar. We zullen haar dicht bij ons houden, om haar te laten weten dat we er zijn, altijd, veraf of dichtbij, in goede en zeker ook in slechte tijden… en dat we dankbaar zijn dat zij haar leven met ons wil delen.

In hun geboorteland is het intussen niet zo veilig, verkiezingskoorts en gisteren vielen nog 2 doden tijdens een demonstratie. Dit bezorgt ons extra stress, uiteraard. Gelukkig hebben we doorheen de jaren al wat contacten weten op te bouwen die ons een eind op weg kunnen helpen ter plaatse.

Als ik kan, dan mail ik je nog wel eens van daaruit in een cyber, als het veilig genoeg is om zonder escorte op straat te komen en als de generatoren werken om de computers in gang te houden. Zoniet, dan geef ik je zeker bij thuiskomst een verslagje door van onze reis…

Ik wens je in elk geval prettige feesten !!

tot hoors,  c.

 

HET VERHAAL VAN DE KUSSENS DEEL 2: het groene kussen!

In de week dat ik mijn blog over de kussens maakte kreeg ik 2 geadopteerden aan de lijn . Beter nog, van de ene een mailtje en met de andere even gechat op mijn fbgroep de adoptiecoach.

Hier even een kort stukje uit de chat:
‘de laatste weken voel ik me nogal raar…’
‘verdrietig?’
‘Ik w
eet met mezelf geen blijf, een beetje verloren ‘

‘en had je niet ‘iets’ herkend in mijn blog van de kussens?’

‘Ja,maar ik denk dat ik alles gewoon teveel afsluit’

‘probeer niet te panikeren’

‘mja, ik heb niet het gevoel te panikeren ofzo… maar ik heb wel het gevoel niet meer te (willen) voelen,allee, dat klinkt zo raar’

En dan was er dat ander stukje tekst die me wel heel erg aangreep:

‘(…)de werkpunten die we afgesproken hadden….Ik voel dat ik moeilijk kan beginnen er zijn al zoveel dingen in mijn leven dat ik het diepste eigenlijk niet alleen kan aankijken. Toch nu niet,
Echt waar Pia, ik ben zo gewoon om heel de tijd door te doen en weet niet goed hoe te stoppen. 
Ben soms bang dat ik het ga opsluiten zo diep vanbinnen.
Snapje?(…)’

Hier het deel 2 van mijn kussenverhaal:

Het groene kussen. In mijn verhaal van de kussen in mijn vorige blogstukje vervang je het  rode kussen door een groen en vul deze tekst aan:

(…)maar daarvoor heb je een derde kussen nodig: het groene! Omdat het verlies zo diep zit , het verdriet zoveel pijn kan doen, ga je maar door met de rest van je leven. Je doet, werkt, en probeert niet te denken, voelen, het is te beangstigend. Daarvoor dient deze overlevingsstrategie van ‘doen doen doen (alsof?) en niet omzien’. Gelukkig dat we ook het groene kussen  hebben, want het helpt ons niet weg te zinken in een depressie, in een groot verdriet. Wenen is namelijk nog lastiger dan doen alsof, dat is zo. Verdriet slaat vanbinnen en kan beangstigend zijn!

De adoptiecoach

UITSPRAKEN VAN GEADOPTEERDEN MET EEN GOUDEN RANDJE

Als je werkt in de interlandelijke adoptiewereld sta je op het kruispunt tussen mensen die heel graag kinderen willen, maar er geen kunnen krijgen (bij de meeste kandidaat adoptieouders toch) en de ouders die hun kind heel graag zien maar het niet kunnen/mogen houden (meerderheid van redenen voor afstand). Dat alles overgoten met de saus van geld: de ene heeft er te weinig en de andere genoeg om de dure adoptieprocedures te betalen. Een heftige sector om in te werken.
Op datzelfde kruispunt staan, naast ons, de adoptiekinderen en die motiveren me vaak om toch door de hete aardappel te bijten en te blijven zitten, soms tegen beter weten in.
Deze geadopteerden hebben me in de meer dan 20 jaar dat ik in de adoptiesector werk al zoveel toevertrouwd, dat ik hen daar alleen maar dankbaar kan om zijn.
Vele uitspraken blijven me bij, zitten voorgoed in mijn rugzak.Een aantal daarvan hebben een gouden randje. Ik deel er een paar met jullie.
Hij is een prille tiener als hij op straat hoort van vriendjes ‘dat zijn ouders zijn ouders niet zijn, dat hij een aangenomen kind is’. Een paar jaar later zit hij voor mij. Het gaat er niet goed mee zeggen zijn ouders! Ja, het zal wel denk ik meteen. Ik probeer te polsen wat het met hem doet, gedaan heeft. Dezelfde dag dat hij HET vernomen heeft, diezelfde avond in de badkamer vraagt hij HET aan zijn mama, zij bevestigt. Maar ze zien hem heel graag. Dat was het, geen woord meer hierover. Hij werd de woestijn in gestuurd.
Hij vertelt me dat hij er een paar jaar niet meer durfde aan te denken, aan te raken. Maar dan is hij naar de zolder gegaan op zoek naar sporen van wie die andere moeder dan wel is. Hij vindt het boekje van Kind en Gezin over zijn eerste paar maanden (gewicht, lengte en inentingen). Vooraan is zijn naam geschreven bovenop een laagje typex. Hij krast het eraf en daaronder staat zijn andere naam, zijn eerste naam, zomaar. Daar zit hij dan, heel alleen voor dat boekje. Hij neemt tipex en overschrijft opnieuw zijn naam met zijn adoptienaam.
Ik zit met stijgende verbazing en emotie te luisteren. Ik vraag; ’ maar wat voelde je toen, wat dacht je toen?’

‘Ik dacht, ofwel is dit boekje niet echt ofwel ben ik niet echt’

 

 

Ze zit in de derde kleuterklas als haar ouders mij vragen om haar biologische moeder te contacteren. Ze is al jaren heel verward, verdrietig. Waarom ben ik toch niet bij mijn mama kunnen blijven? Wie is ze? Gelijk ik erop? Enz. Nog zo klein en al zoveel wezenlijk belangrijke vragen, zonder antwoord.
Haar biologische mama vinden was niet moeilijk, maar hoe pak je dat met die kleine meid aan. Ik zet me bij haar thuis aan de keukentafel met een kleurrijk boekje. Ik zeg haar dat ik aan de ene kant haar vragen aan haar mama ga opschrijven en aan de andere kant wat zij wil vertellen aan haar mama.
Ze begint meteen te vragen en te vertellen. Alsof ze dit al lang had voorbereid. Ik lees het achteraf nog eens voor, want ik wil het juist hebben. Ja, zegt ze dat is het. Ze geeft me nog een omslag met daarin tekeningen en 2 foto’s. Goed over nagedacht, met prachtige tekeningen op de omslag ook.Ik zeg tot slot: ’ spannend he, je gaat misschien je mama leren kennen?’Zij kijkt me met haar prachtige donkere ogen aan en zegt :

‘Maar Pia, ik ken mijn mama toch, ik heb haar alleen nog nooit gezien’

 

 

Tot slot geen uitspraak maar een heuse brief. Ik mag de auteur ervan aanspreken met mijn voorzitter en daar ben ik blij om. Hij heeft meer dan 1 reden om tegen adoptie te zijn, maar is het niet. Hij verbaast me vaak met zijn to the point visie op adoptie. Maar waar hij me helemaal mee omver heeft geblazen is met de brief die hij schreef n.a.v zijn zoveelste reis naar zijn geboorteland en het zoveelste dode spoor naar mijn moeder.
Hij heeft hem al voorgelezen op de radio, dus mag het hier ook hoop ik:

 

 

Lieve verre onbekende mama,
ik ben ondertussen een volwassen man van 40 die zijn weg zoekt aan de andere kant van deze wereld, maar ooit was ik het kind dat jij gedragen hebt en ter wereld bracht. Dat kan ik met zekerheid zeggen. Dat is ook het enige dat ik met zekerheid kan zeggen. AL de rest kan ik me enkel dromen of verbeelden. Dat je zacht en mooi bent en net zo’n ‘zoeker’ als mij. Ik verbeeld me ook dat je me de eerste jaren van m’n leven heel dikwijls in je armen hebt gehouden, dat je me de borst gaf of dat je huilde omdat je te arm was om me te voeden. Misschien mocht je me niet houden. Misschien kon je niet. Wie zal het me zeggen? Alles wat zou kunnen spreken, mijn geheugen of het summiere dossiertje uit het wezenhuis waar ik te vondeling ben gelegd, zwijgen hardnekkig als een grafsteen. Het is voor mij als kijken naar de zon met mijn ogen dicht. Je voelt de warme rode gloed, je voelt de aanwezigheid van de zon, maar ze blijft onzichtbaar.

De vraag of ik je iets kwalijk neem, vind ik zelfs de vraag niet waard. Ik kan niet geloven dat moeders hun kind vrijwillig afstaan. Er is altijd iets of iemand dat hen daartoe dwingt. Afstaan vind ik dan ook zo’n ongepast woord. Een moeder staat niet af, ze ‘verliest’ haar kind en een kind ‘verliest’ zijn moeder. Wij hebben elkaar ergens verloren, en waarom?
Ik heb één diepe wens die me nooit los zal laten. Wanneer zal ik nog eens in je armen kunnen liggen om me dan tegen je borst aan te drukken? Moederlijke warmte voelen zoals toen, héél lang geleden. Dat, mama, zal ik blijven missen, zo lang ik zoek … naar jou.

De adoptiecoach


RSS Artikels op Geadopteerd.be

  • Er is een fout opgetreden. De feed is waarschijnlijk uit de lucht. Probeer later opnieuw.

Schrijf je in en ontvang nieuwe berichten van deze blog via e-mail.

Doe mee met 75 andere volgers

Blog Stats

  • 101,589 hits