Posts Tagged 'adoptiecoaching@skynet.be'

Wat als? adoptie niet (meer) zou bestaan…

Vijf therapeuten volgen een korte vorming met als titel ‘Leren van en over adoptie’.
Ook dit keer heb ik gevraagd aan een geadopteerde medewerkster, vandaag aan D., om mee aan tafel te zitten. Iedereen kan vragen stellen, aan mij uiteraard, maar ook aan haar. D. is een jonge vrouw,  geadopteerd op kleuterleeftijd . Ze heeft een diploma sociaal werk en psychologie op zak.
De vragen komen al snel: hoe zij de adoptie als kind heeft ervaren? Als ze nog herinneringen heeft?
‘Ja, natuurlijk ‘zegt ze. ‘Ik weet nog dat ik verbaasd was dat er licht was ‘s nachts  en ik dus in het donker kon zien.’
‘De eerste dagen vond ik het wel spannend, ik zag veel rijkdom, meer dan genoeg eten en veel, veel speelgoed’
Maar al snel miste ze de kinderen, het lawaai in de slaapzaal in India. Ze was, is, enig kind en het huis stond aan het eind van een doodlopende straat. De stilte was voor haar geen rustpunt, integendeel.
Gelukkig was er een hond die ‘s nachts aan haar voeten sliep en geluiden maakte, zo voelde ze zich minder alleen.

Dacht ze dat het beter was om op heel jonge leeftijd geadopteerd te worden?
Neen, absoluut niet. Ik ben blij dat ik nog weet hoe het daar was. Dat het daar goed was. Inderdaad er was niet zoveel eten, maar we hadden elkaar daar in het tehuis. Ik heb gelukkig nog mijn herinneringen , als troost ook.’

Achteraf bleek dat een aantal van hen met de misvatting rondliepen dat het altijd beter was om zo jong mogelijk te adopteren. D. geeft ze inkijk in een adoptie van een kleuter. En dan kwam de vraag:
Maar is adoptie dan niet goed misschien? “
Ik zie meteen dat deze vraag inslaat als een bommetje bij D.. Maar ze blijft professioneel en gaat de discussie, de dialoog aan.
Maar WAT ALS er geen adoptie (meer) is?
Een van hen verbleef een tijdje in Zuid-Afrika en zag daar zoveel ellende, zoveel kinderen op straat en in instellingen en dacht dat adoptie voor die kinderen toch wel een oplossing kon zijn.
Zo kunnen we toch de kinderen helpen, redden? Adoptie is toch ook een goeie zaak?

D. is het duidelijk niet eens.
‘Wie zegt dat ik niet gelukkig zou geweest zijn als ik in India was gebleven? Jullie gaan er zomaar van uit dat wij het hier altijd beter hebben! Dat is niet zo, niet altijd. En weet je hoe het voelt dat wij dat altijd maar horen, voelen: je mag toch blij zijn dat je geadopteerd bent en goed bent terecht gekomen in een rijk land, anders was het je niet zo goed vergaan!’
Ik voel de spanning stijgen, mensen verbeteren zichzelf, proberen de nuances te zoeken, ook ik.

Het wordt nog een heel boeiend einde van de namiddag, de rest van de vorming laten we links liggen. Ik weet dat er vele vragen te stellen zijn over adoptie, weinig antwoorden voldoen, toch niet voor lang, laat staan voorgoed.
Wat als adoptie niet bestaat?

De meningen over adoptie zijn verdeeld, naargelang de plaats van diegene die ze beantwoordt.
De vorming loopt ten einde. We worden bedankt voor de boeiende namiddag. De deelnemers beweren toch wat nieuwe inzichten te hebben opgestoken. D. wordt ook heel erg bedankt voor haar persoonlijke en boeiende insteek.
We stappen samen naar het station. We drinken nog iets op een terras en debriefen.
Ze is toch wat kwaad: hoe kan dat nu zegt ze, hoe kan dat, dat de mensen nog steeds zo over adoptie denken.
Ze mist het overzicht bij de professionale, bij de mensen rondom haar.

“Men refereert altijd naar de arme kindjes in weeshuizen. Het is makkelijk om die te bezoeken & conclusies te trekken. Maar al die miljoenen kinderen op straat zonder hulp, weeshuis. Dat zijn de slachtoffers van het systeem. Ipv kritiek te geven op kinderen in weeshuizen, hoe slecht ze het niet hebben, zou men eens objectief moeten kijken. De straatkinderen zijn een ongekend aantal anonieme gezichten die je niet kan natellen in weeshuis bedjes, ervan uitgaan dat ze minstens 1 maal per dag eten hebben. Durf naar heel het systeem te kijken, alle fouten die dit heeft en niet enkel de arme kindjes in weeshuizen.”

Ik probeer ‘de mensen’ te verdedigen, mijzelf ook te verdedigen merk ik. Ik werk in adoptie, dus kan ik toch niet tegen adoptie zijn?Een ‘de mensen’ die adoptie verkeerd inschatten. Tja als je zo weinig geadopteerden kent , dan denk je misschien nog steeds dat alle geadopteerden gelukkig zijn dat zij weg zijn uit hun land en de armoede.
Ze is niet overtuigd zie ik.

De dag erop zie ik op haar FACEBOOKSTATUS dit: ‘Is teleurgesteld over hoe de patronen in adoptie zich blijven herhalen in negatieve zin.. Hebben ze dan niets geleerd van fouten uit het verleden? Naïeve ik?

WAT ALS? we adoptie nu zouden afschaffen, gewoon eens de denkoefening maken… zou dat dan sluitende antwoorden en oplossingen geven?

Ik weet het niet, echt niet…

 

Pia Dejonckheere

adoptiecoaching@skynet.be

Advertenties

‘Ik ga (toch)terug naar mijn land”. De vele betekenissen van deze zin!

“Ik ga terug naar mijn land, maar dan ga jij verdrietig zijn”
Ze kijkt haar papa met grote ogen aan. Ze is pas 7 maar heeft al zoveel in haar hoofdje en hartje om mee om te gaan. De bonus van adoptie zeg maar.
MIJN land, dat is waar de meeste geadopteerde hun geboorteland mee bedoelen. Gelukkig voelen de adoptieouders van vandaag zich daar niet door tekort gedaan. Ook zij nemen graag het land van hun kind mee op in het familieverhaal.
Maar hoe mooi , boeiend het ook is om twee landen te hebben, twee families te hebben, het is niet eenvoudig om dat allemaal een veilige plek in je leven te geven.

Rond de leeftijd van 7 begint het grote werk pas goed en het stopt niet wanneer een geadopteerde volwassen is.
Ik ga naar mijn land terug”  is ook de vraag ‘Moet ik ooit terug?’ of ‘Mag ik hier blijven voorgoed?’  en ik test dit even uit door (heel) stout te zijn en dan af te toetsen of ze mij gaan terugbrengen.
Slim en niet evident om mee om te gaan.
Zeggen ‘ja je mag terug als je wilt ‘ geeft vaak het omgekeerde effect: ‘dus ik mag terug als ik wil, zo belangrijk ben ik hier dus ook niet’ . Het  vraagt van adoptieouders een bijzondere sensitiviteit om hierop te reageren, wat wil mijn kind eigenlijk zeggen, vragen. Verder lezen ‘‘Ik ga (toch)terug naar mijn land”. De vele betekenissen van deze zin!’

De foto op mijn paspoort is een foto van een ander (adoptie?)kind.

Ik weet het, het is  niet de eerste keer dat een geadopteerde voor mij zit met een (stukken van) adoptiedossier dat niet klopt, helaas.
Ik heb meerdere boeken gelezen, congressen, opleidingen en studiedagen bijgewoond, die het uitgebreid hebben over het belang van een evenwichtige identiteitsopbouw als basis voor een (emotioneel ) leven in evenwicht. Geadopteerd of niet.
Veel slimmere mensen dan ik hebben onderzoek gedaan, bewijzen geleverd van het feit dat het een heel belangrijke ontwikkelingsopdracht is om een antwoord te vinden op de vraag : “Wie ben ik?”

i_am Verder lezen ‘De foto op mijn paspoort is een foto van een ander (adoptie?)kind.’

Inzagerecht in je adoptiedossier: geen overbodige luxe zo blijkt!

Voor wie er nog aan zou twijfelen, inzagerecht in je adoptiedossier is geen overbodige luxe.
Bijna wekelijks krijg ik geadopteerden die ,mij telefonisch, via email of een persoonlijk bezoek in mijn nieuwe werkstek te Gent (vzw Steunpunt Adoptie) , vragen hoe en waar ze hun adoptiedossier kunnen vinden.Ze zijn volwassen en hebben geen contact ( meer) met hun adoptieouders. Die laatste vinden blijkbaar dat het adoptiedossier hun eigendom is en niet van de geadopteerde zelf. Of er zijn andere redenen waarom ze dat dossier niet geven, terug bezorgen eigenlijk.

inzage Verder lezen ‘Inzagerecht in je adoptiedossier: geen overbodige luxe zo blijkt!’

Mijn adoptieouders hadden mijn slaapkamer aan iemand anders gegeven, de enige veilige haven voor mij in dat koude, kille huis. De afwijzing was een feit!

Het is vaak een helse tocht geweest voor geadopteerden. Wij hulpverleners begrepen niet altijd wat er speelde wanneer een kind, na vele en helse stormen, zich opnieuw moest kunnen hechten aan de zoveelste volwassene. Er is een tijd van kleurenblindheid geweest, dat zeker. Velen dachten dat het probleem bij het ‘gekwetste’ kind lag. Dat zou zich niet meer kunnen hechten na teveel kwetsuren en soms was het zelfs bodemloos, werd gezegd.
En geef toe, wie investeert nu nog in een kind waarop hulpverleners het label ‘bodemloos’ plakken? Er waren en zijn gelukkig ook therapeuten, hulpverleners en adoptieouders die hier niet in meegingen en meegaan.

Ik ken vele geadopteerden die vroeger het label hechtingsgestoord, bodemloos, hebben gekregen, van hun adoptieouders, de psychiatrie, de modale hulpverlener.
Ik mag zelfs een aantal van hen tot mijn vrienden rekenen.
Ik krijg dus af en toe een inkijk in hoe zij zich hierbij hebben gevoeld. Hoe zij na al die jaren vaak nog steeds worstelen met zoveel afwijzing en onbegrip in hun leven. Verder lezen ‘Mijn adoptieouders hadden mijn slaapkamer aan iemand anders gegeven, de enige veilige haven voor mij in dat koude, kille huis. De afwijzing was een feit!’

Twee keer twee meisjes….

twee-meisjes-op-het-strand-bij-zonsondergang

Ze doen me denken aan het warme en wondermooie liedje van Raymond ‘Twee meisjes…..’, waarom weet ik niet, maar ik denk er meteen aan als ze plaats nemen in de zetel tegenover mij.

Ze zijn zussen van elkaar, in alle betekenissen van dat woord; maar ook weer niet. De ene is geboren in India, de ander in Sri Lanka. De eerste werd als peuter , de andere als baby geadopteerd in hetzelfde gezin. Ze zijn sterk verbonden met elkaar en hebben ook al vaak ‘vlammende’ ruzies gehad die ze ook erg goed weer kunnen achter zich laten. Zussen, zoals ik al aangaf, zussen in al zijn aspecten.

Hun adoptieverhaal is echter heel anders. Geadopteerd zijn uit India betekent al te vaak : geen identificeerbare informatie over je biologische ouders en reden van afstand algemeen, of nietszeggend.

Geadopteerd zijn uit Sri Lanka staat aan de ander kant van de openheid: daar is het meestal (zo niet altijd) de biologische moeder die persoonlijk haar kind afgeeft aan de adoptieouders op de rechtbank. Er is dus een foto , een verhaal en een ontmoeting tussen twee moeders , één vader en het kind.

En nu zit zus Sri Lanka voor mij , samen met zus India. Ze gaan samen op reis naar de (ontmoeting met) biologische mama in Sri Lanka. Heel bijzonder en niet zonder slag of stoot beslist, laat me dat duidelijk stellen. Zus Sri Lanka bereidt al meer dan een jaar samen met mij haar rootsreis voor. ‘Wie ze zou meenemen?’ was één van de moeilijke beslissingen, alleen gaan is geen optie.
Ik vraag hen om beurt hun grootste hoop en grootste vrees uit te spreken aan elkaar.

Zus Sri Lanka begint. Ze moet niet nadenken : ‘ik ben bang dat ik mijn zus teveel emotioneel ga belasten door haar mee te nemen. Zij gaat /wil niet op zoek gaan, maar gaat wel mee met mij om me te steunen. Wat gaat dat met haar doen?’

Zus India wil meteen inbreken in dat verhaal, ik leg haar stil. Ik probeer de angst te identificeren:
Ben je bang dat door het feit dat jij wel je mama kent, gaat ontmoeten, je zus gaat gekwetst worden, jaloers worden..?’
Ja’

 

Het is de beurt aan zus India, ook zij moet niet nadenken:
‘ik ben bang dat mijn zus er niet beter maar emotioneel slechter van terugkomt. ‘

Ik herformuleer
‘Ben je bang dat zij niet zal krijgen wat ze hoopt, rust?’

‘Ja’

Ik ben getuige van een heel mooie, warme band tussen de zussen. Ze gaan voor elkaar door het vuur, komen daardoor ook vaak in het vuur terecht… maar ze kijken ook in hun eigen spiegel(angsten) als ze naar de ander kijken en meevoelen.
Mooie  meiden die ‘Twee meisjes….’

“Twee meisjes….’ Twee andere meisjes….

Ze zijn verbonden door het leven, voor het leven, of ze dat nu willen of niet. Ze zouden elkaar nooit herkennen als ze elkaar tegen het lijf zouden lopen. Hoe bizar, hoe vreemd kan het lopen …

Meisje A en meisje C worden allebei geboren in Mumbai, India. Beiden komen ze met een paar weken verschil terecht in een tehuis. Er worden adoptiedossiers opgemaakt, kandidaat adoptieouders worden aangeschreven, krijgen een foto en alles gaat snel, te snel blijkt later. De dossiers van de kinderen zijn verwisseld, de fotograaf of de zusters, wie zal het zeggen, maar meisje C komt terecht bij (op papier) ouders van meisje A en vise versa.

De adoptieouders werden snel op de hoogte gebracht van de “wissel’ en mochten ‘kiezen’ of ze dossiers nog wisselden of het kind van de foto die ze kregen wilden met het foute dossier.
De keuze was snel gemaakt…. De kinderen die in hun hart zaten, waren de kinderen van de foto. Welk dossier er in hun rugzak zat tijdens hun reis naar hier, op dat moment was dat geen thema.
Kort daarna worden ze samen op het vliegtuig gezet richting België. Of de twee meisjes naast elkaar zaten/lagen in het vliegtuig? Wie zal het zeggen? Maar de kans is groot. Ze kwamen in elk geval samen aan in de aankomsthal van het vliegveld.

Nu meer dan 30 jaar later probeert meisje A haar dossier terug te krijgen van meisje C. Ze schrijft daartoe een mooie brief met haar vraag. Ze moet de brief in het Frans schrijven, meisje C. is in Wallonië terecht gekomen. Een kort fragment (vrij vertaald)….

(…) Het is een beetje raar, zoals ons  leven verbonden is , buiten onze keuze, is het niet? Ik had een gelukkig leven met mijn ouders, ik hoop dat je had dezelfde kans had.
(…)
Kussen voor jou,

Mooie verhalen, warme verhalen, boeiende verhalen

Pia Dejonckheere

 

adoptiecoaching@skynet.be

Als de reden waarom je bent afgestaan wel erg verdrietig, zwaar om verwerken is. Deel 2

The_Truth

Ze had hier duidelijk goed over nagedacht, ze was niet over één nacht ijs gegaan. Ze wilde haar biologische moeder ontmoeten.  Ze was ondertussen midden de 30 , moeder van drie en al jaren werkzaam in het onderwijs.
Het beeld dat ze van haar moeder had en het verhaal rond de afstand was ook duidelijk. Ze had in haar (beperkte) adoptiedossier en via de extra informatie van haar adoptieouders opgemaakt dat haar moeder 15 was toen ze zwanger werd van een gehuwde leraar uit haar school. Het grote taboe, strafbaar ook. Als snel werd beslist dat het zwangere meisjes moest onderduiken en het kind niet kon/mocht houden. De gehuwde leraar ontkent alles.Ik probeer de moeder te benaderen zonder haar privacy te schenden. Aangezien de adoptie via een arts is ‘geregeld’ kan ik niet terugvallen op een begeleidend netwerk van de moeder. Korte tijd daarna vind ik de moeder. Meer nog, ze heeft al die tijd gewacht op een teken van leven van haar dochter en is dus blij en bereid om met mij te praten.

Haar eerste reactie is: ‘Hier heb ik 34 jaar , elk dag, naar verlangd en ben er elke dag bang voor geweest’. Na jaren therapie en een aantal opnames in psychiatrie , is ze hier ook klaar voor denkt ze.
En alsof ze dit gesprek in detail heeft voorbereid (misschien is dit zo), start ze haar verhaal.

Ze woonde aan de kust en liep van en naar school via de duinen. Op een dag wordt ze  van achter aangevallen en brutaal verkracht. Ze heeft ‘hem’ niet gezien, gehoord, alleen geroken. Daarna verdwijnt hij en verkeerd zij in shock. Ze stapt huiswaarts , het enige wat ze nog kan. Ze komt thuis, zegt niets , loopt langs haar moeder (die ook niets zegt , alleen kijkt) naar haar kamer. De periode daarna functioneert ze op automatische piloot. Haar ouders moeten zeker  iets gemerkt hebben (vermoed hebben?) en zwijgen ook. 
Na 4 maanden is er geen ontkomen meer aan, de zwangerschap is duidelijk. Het helaas klassieke en intens verdrietige verhaal van ongewenst zwangere meisjes die de kans ontzegd worden om zorg te krijgen.  Ver van huis (onze dochter moet uitzieken in een kuuroord nietwaar) maakt ze de rest van de zwangerschap door. Het trauma van de verkrachting houdt haar in shock, niet in staat tot praten, reageren, beslissen. Gemakkelijk voor iedereen rond haar, schuldig verzuim van de ‘hulpverleners’ ook.

Ze bevalt , nog steeds in shock, herinnert zich niets, werkelijk niets meer van de bevalling. Niet de datum, niet de plaats en al helemaal niet of ze haar baby heeft gezien of gehoord.
En dan,  zegt ze, dan begint het grote zwarte gat voor mij open te scheuren en val ik erin. Jaren lang, niet het vermogen te functioneren.

Het is helaas niet de eerste keer dat ik als sociaal werker dit verhaal hoor. Maar is daarom niet minder beschamend als maatschappij dat wij dat ‘onder de leden’ hebben.
Het is daarom niet minder indringend, beklijvend, verwarrend en zo veel meer om mee om te gaan als hulpverlener.
Maar deze vrouw heeft deze verwoesting overleefd en hoe! Ze kijkt me aan en vraagt : ‘Moet ik dat nu gaan vertellen aan mijn kind?’

Geadopteerden en hun verhaal, hun adviezen, hun inzichten hebben mij altijd sterk gestuurd . Ik weet dat geadopteerden veel meer aankunnen dan we denken, als er maar een aantal wegwijzers gevolgd worden.
We spreken af, op vraag van de moeder, dat ik het verhaal vertel aan de dochter en dat zij daarna beslist of ze toch nog een ontmoeting wil, aankan.

Ik stap opnieuw richting dochter en vertel eerlijk en rustig het  verhaal dat de moeder mij vertelde. En weer is daar de  krachtige reactie die ik ondertussen al (her)ken.
Toch verrast ze mij . Ze heeft geen enkele twijfel, ze wil haar moeder ontmoeten, zeker weten, hier verandert niets.
Maar ze wordt woest op haar adoptieouders. Hoe durven ze mij beliegen, wie zijn zij wel dat ze mijn biologische moeder beliegen, haar in de steek laten…

Ik ben even sprakeloos.
Ze vertelt me dat het veel en veel erger is te weten dat ze belogen is , dan te weten dat haar moeder verkracht is. Natuurlijk dat ze veel liever had gehad dat haar moeder dit vreselijk trauma was bespaard gebleven. Maar de leugen van haar adoptieouders voelt aan als een afwijzen van haar biologische moeder en haar trauma. Alsof ook haar adoptieouders verantwoordelijk zijn voor het feit dat ‘men’ haar moeder in de steek heeft gelaten .

De adoptiedriehoek is duidelijk verstoord, zeg maar. Werk aan de winkel voor iedereen. De adoptieouders geven toe dat hun arts dit wel had verteld, het verhaal van de verkrachting. Natuurlijk ziet ze wel dat haar adoptieouders het ‘mooie’ verhaal hebben verteld om haar de werkelijkheid te besparen . Hoe moet je als ouder je kind leren omgaan met het feit dat ze zijn geboren na een verkrachting? Wat niet weet wat niet deert? En zoveel meer argumenten die haar adoptieouders hadden om het verhaal van de leraar – leerling op te hangen.

De dochter vertelt me dat ze nu veel meer begrip heeft voor haar moeders beslissing om afstand te doen. Het is nooit een beslissing geweest, laat staan een afwijzing van haar kind. Ze zegt dat ze nu weet dat haar moeder geen schijn van kans had om haar te houden en dat het vreselijk moet zijn om al die jaren daarmee te leven. Ze had het veel moeilijker met het verhaal van een vader leraar die een jong meisje ‘misbruikte’. Ik schik van de woorden, maar het is haar verwerking, haar manier om in te vullen wat het met haar doet. Ze ontmoeten elkaar vrij snel, de moeder en de dochter.
Ze vertellen me nadien dat het rustig, mooi en in evenwicht was.
Later in de begeleiding vraag ik de dochter hoe ze nu aankijkt tegen de biologische vader.

Ze zegt me dat ze aan dat stuk nog niet toe is. Dat ze dat wel in de gaten houdt en als ze zover is daar misschien ook weer deskundige hulp zal inschakelen. Maar nu is ze even blij met het contact ,  de band met haar biologische mama en heeft  ‘werk’ genoeg aan het herstel van de band met haar adoptieouders.
Sterk verhaal, met sterke mensen. Maar is het hier ooit anders?

Pia Dejonckheere

adoptiecoaching@skynet.be


RSS Artikels op Geadopteerd.be

  • Er is een fout opgetreden. De feed is waarschijnlijk uit de lucht. Probeer later opnieuw.

Schrijf je in en ontvang nieuwe berichten van deze blog via e-mail.

Doe mee met 75 andere volgers

Blog Stats

  • 102,357 hits